Herkenbare vragen
- Waarom twijfel ik zo vaak aan mezelf?
- Waarom voel ik me soms minder waard dan anderen?
- Waarom heb ik zoveel bevestiging van anderen nodig?
- Waarom vind ik het moeilijk om mijn eigen keuzes te vertrouwen?
- Waarom voel ik me schuldig wanneer ik voor mezelf kies?
- Waarom weet ik soms niet goed meer wie ik ben of wat bij mij past?
- Kan het beeld dat ik van mezelf heb nog veranderen?
Wat is zelfbeeld?
Je zelfbeeld is het geheel van ideeën en overtuigingen dat je over jezelf hebt: wie je denkt dat je bent, waar je goed of slecht in bent, hoe je jezelf in relaties ziet en wat je over je eigen eigenschappen gelooft.
Dat kan bijvoorbeeld gaan over vragen als: Ben ik slim? Ben ik betrouwbaar? Ben ik aantrekkelijk? Ben ik een goed mens? Mag ik fouten maken? Ben ik belangrijk?
Psychologen spreken vaak over self-concept. Onderzoek laat zien dat dit zelfbeeld uit meerdere gebieden bestaat. Je kunt jezelf bijvoorbeeld heel competent vinden op je werk, maar onzeker in sociale situaties. Zelfbeeld is dus niet één enkel cijfer of oordeel.
ZELFBEELD
Wat geloof ik
over mezelf?
↓
mijn eigenschappen
mijn mogelijkheden
mijn relaties
mijn identiteit
mijn waarden
mijn tekortkomingenZelfbeeld en eigenwaarde zijn niet precies hetzelfde
Zelfbeeld gaat vooral over wat je over jezelf gelooft. Eigenwaarde gaat meer over hoe positief of negatief je jezelf als persoon beoordeelt.
ZELFBEELD
‘Ik ben stil.’
‘Ik ben zorgzaam.’
‘Ik vind keuzes
maken moeilijk.’
EIGENWAARDE
‘Ben ik ondanks
mijn sterke en zwakke
kanten een waardevol
mens?’De twee hangen met elkaar samen, maar zijn niet identiek. Iemand kan bijvoorbeeld weten dat hij ergens niet goed in is zonder zichzelf daarom minder waard te vinden.
Hoe ontstaat een zelfbeeld?
Een kind wordt niet geboren met een volledig beeld van zichzelf. Dat ontwikkelt zich gedurende de jeugd en daarna verder. Onderzoek naar de ontwikkeling van het zelf laat zien dat individuele ervaringen én sociale en culturele invloeden hierbij een rol spelen.
Ouders, broers en zussen, school, vrienden, succes, fouten, complimenten, kritiek, cultuur en groepen waarbij je hoort leveren allemaal informatie waarmee je leert wie je denkt te zijn.
Ervaring
+
Reacties van anderen
+
Wat ik over mezelf leer
↓
‘Zo ben ik blijkbaar’
↓
Onderdeel van
mijn zelfbeeldDat betekent niet dat één negatieve opmerking automatisch een negatief zelfbeeld veroorzaakt. Zelfbeeld ontstaat uit veel ervaringen over langere tijd en verschilt sterk per persoon.
Waarom hebben reacties van anderen zoveel invloed?
Vooral kinderen zijn sterk afhankelijk van belangrijke volwassenen. Zij beschikken nog niet over jaren ervaring waarmee ze iedere boodschap zelfstandig kunnen beoordelen.
Als een kind waardering krijgt kan het bijvoorbeeld leren: ‘Ik kan dit.’ Als een kind vaak het gevoel krijgt tekort te schieten, kan eerder een overtuiging ontstaan als: ‘Ik doe het nooit goed genoeg.’
Dat betekent niet dat ouders hun kinderen voortdurend moeten prijzen of nooit mogen corrigeren. Kinderen hebben ook grenzen en feedback nodig. Psychologisch wordt vooral belangrijk welke bredere conclusie iemand over zichzelf leert trekken.
‘Dit gedrag
ging niet goed’
is iets anders dan
‘Er is iets
mis met mij’Onderzoek naar de ontwikkeling van zelfbeeld en eigenwaarde laat zien dat sociale ervaringen en de betekenis die mensen eraan geven een rol spelen in hoe zij zichzelf leren beoordelen.
Dezelfde gebeurtenis, een andere conclusie
Stel dat twee mensen op hun werk een fout maken.
De één denkt: ‘Vervelend. Ik herstel het en let volgende keer beter op.’
De ander denkt: ‘Zie je wel. Ik kan ook nooit iets goed doen.’
DEZELFDE FOUT
↓
Persoon A:
‘Ik maakte
een fout’
↓
leren
Persoon B:
‘Ik bén
een mislukking’
↓
zelfbeeld geraaktDe gebeurtenis is vergelijkbaar. De betekenis die eraan wordt gegeven verschilt.
Hetzelfde kan gebeuren met complimenten. Iemand met een steviger positief zelfbeeld kan zeggen: ‘Dank je.’ Iemand die positieve informatie moeilijk met zijn bestaande zelfbeeld kan rijmen denkt misschien onmiddellijk: ‘Ach, dat stelt niets voor.’
Een zelfbeeld kan zichzelf gaan bevestigen
Wanneer je eenmaal iets over jezelf gelooft, kan die overtuiging invloed hebben op wat je opmerkt en hoe je gebeurtenissen interpreteert.
Wie bijvoorbeeld sterk gelooft ‘ik ben sociaal onhandig’ merkt misschien ieder ongemakkelijk moment op, terwijl succesvolle gesprekken minder blijven hangen.
‘Ik ben niet
goed genoeg’
↓
Ik let extra op
fouten en afwijzing
↓
Die vallen mij
sterker op
↓
‘Zie je wel’Dat betekent niet dat zelfbeeld puur fantasie is. Sommige beoordelingen van onszelf kunnen behoorlijk realistisch zijn. Het wordt vooral nuttig om te onderzoeken welke overtuigingen door actuele feiten worden ondersteund en welke vooral oude conclusies zijn geworden.
Hoe kan dit herkenbaar zijn binnen een religieuze omgeving?
Iedere langdurige sociale omgeving kan meewerken aan hoe iemand zichzelf beoordeelt. Dat geldt voor gezinnen, scholen, sportverenigingen, werk, culturen en religieuze gemeenschappen.
Binnen een geloof kan een persoon zichzelf bijvoorbeeld mede gaan beoordelen aan de hand van religieuze waarden: Ben ik gehoorzaam? Ben ik een goed mens? Leef ik volgens wat ik geloof? Maak ik keuzes waar God mee instemt?
Dat hoeft niet negatief te zijn. Voor veel gelovigen bieden zulke waarden juist richting, betekenis en een positief gevoel van identiteit.
Psychologisch wordt het vooral interessant wanneer iemands waarde als persoon sterk gaat samenvallen met het wel of niet voldoen aan verwachtingen.
‘Dit is een norm
die belangrijk
voor mij is’
↓
kan veranderen in
↓
‘Als ik hier niet
aan voldoe,
ben ik minder waard’Hoe kan dit herkenbaar zijn bij (ex-)Jehovah’s Getuigen?
Jehovah’s Getuigen beschrijven zelf dat ouders hun kinderen Bijbelse waarden en overtuigingen leren, met hen de Bijbel bestuderen en bijeenkomsten bezoeken. Tegelijk zegt de organisatie dat kinderen wanneer zij ouder worden zelf moeten beslissen of zij Jehovah’s Getuige willen worden.
Voor sommige huidige of voormalige Getuigen kunnen religieuze normen sterk verweven raken met het zelfbeeld. Mogelijke innerlijke gedachten zijn bijvoorbeeld: ‘Ik moet het geestelijk goed doen’, ‘Twijfelen zegt iets slechts over mij’, ‘Ik wil niemand teleurstellen’ of ‘Kan ik mijn eigen oordeel wel vertrouwen?’
Niet iedereen ontwikkelt zulke gedachten en ze hoeven ook niet uitsluitend uit religie voort te komen. Gezin, persoonlijkheid, school, eerdere ervaringen en andere relaties kunnen eveneens invloed hebben.
Een nuttige vraag is daarom niet:
‘Heeft de religie mijn zelfbeeld veroorzaakt?’
maar:
Welke boodschappen
heb ik meegekregen?
↓
Welke ben ik
over mezelf gaan
geloven?
↓
Welke onderschrijf
ik vandaag nog?Wanneer je omgeving verandert maar je zelfbeeld achterblijft
Een mens kan zijn overtuigingen veranderen terwijl oude ideeën over zichzelf nog lang blijven bestaan.
Iemand kan bijvoorbeeld verstandelijk niet meer geloven dat een bepaalde keuze verkeerd is, maar zich er tóch schuldig of onzeker over voelen.
Mijn overtuiging
verandert
↓
maar mijn oude
zelfbeeld zegt nog:
‘Kan ik mezelf
wel vertrouwen?’
‘Ben ik niet
egoïstisch?’
‘Doe ik het
wel goed?’Dat is niet vreemd. Zelfbeeld en eigenwaarde vertonen over langere perioden een zekere stabiliteit, maar onderzoek laat ook zien dat ze niet onveranderlijk zijn. Ze kunnen gedurende het leven veranderen.
Een negatief zelfbeeld is niet hetzelfde als de waarheid
Wanneer je jarenlang hebt gedacht ‘ik ben onzeker’, ‘ik ben dom’, ‘ik ben moeilijk’ of ‘ik ben niet goed genoeg’, kan zo'n uitspraak als een feit gaan voelen.
Maar een gedachte over jezelf blijft iets dat onderzocht kan worden.
OUDE OVERTUIGING
‘Ik kan geen
goede keuzes maken’
↓
ONDERZOEK
Waar baseer ik
dit op?
Wanneer lukt het
mij wél?
Is dit altijd waar?
↓
NUANCEREN
‘Sommige keuzes
vind ik moeilijk,
maar ik kan leren
ze zelf te maken’Een gezonder zelfbeeld hoeft dus niet te betekenen dat alle negatieve eigenschappen worden vervangen door positieve.
‘Ik ben perfect’ is niet realistischer dan ‘ik ben waardeloos.’
Het doel is een nauwkeuriger, genuanceerder en minder alles-of-niets beeld van jezelf.
Zelfbeeld en bevestiging zoeken
Wanneer je weinig vertrouwen hebt in je eigen oordeel kan bevestiging van anderen tijdelijk geruststellen.
‘Vind jij dat ik dit goed doe?’
‘Ben je boos op mij?’
‘Denk jij dat ik de juiste keuze maak?’
Advies vragen is normaal. Maar wanneer je eigen oordeel pas betrouwbaar voelt nadat iemand anders het heeft goedgekeurd, kan bevestiging steeds belangrijker worden.
Twijfel aan mezelf
↓
Bevestiging vragen
↓
Opluchting
↓
Nieuwe keuze
↓
Opnieuw bevestiging
nodigDan kan een nuttige oefening zijn om vóór je iemand om advies vraagt eerst op te schrijven: ‘Wat denk ík zelf?’
Zelfbeeld en psychisch welzijn
Zelfbeeld en vooral eigenwaarde hangen samen met psychisch welzijn. Longitudinaal onderzoek laat bijvoorbeeld zien dat lage eigenwaarde samenhangt met een verhoogde kwetsbaarheid voor latere depressieve klachten; de relatie met angst is eveneens onderzocht. Dat betekent niet dat een laag zelfbeeld automatisch een psychische stoornis veroorzaakt of dat iedereen met onzekerheid depressief wordt.
Onderzoek over de levensloop laat bovendien zien dat eigenwaarde relatief stabiel kan zijn, maar tegelijkertijd veranderbaar blijft.
Hoe kan een zelfbeeld veranderen?
Een zelfbeeld verandert meestal niet doordat je honderd keer tegen jezelf zegt: ‘Ik ben geweldig.’
Nieuwe overtuigingen worden geloofwaardiger wanneer daar ook nieuwe ervaringen tegenover staan.
OUDE OVERTUIGING
‘Ik kan mezelf
niet vertrouwen’
↓
Kleine eigen
keuze maken
↓
Ervaren dat ik
ermee kan omgaan
↓
Nog een keuze
↓
Nieuwe informatie
over mezelfDaarom kunnen kleine ervaringen belangrijk zijn: een grens aangeven, een compliment niet onmiddellijk wegwuiven, iets zelfstandig beslissen, een fout herstellen zonder jezelf af te schrijven of merken dat iemand het niet met je eens is en je toch overeind blijft.
Wat kun je ermee?
Begin niet met: ‘Wat klopt er niet aan mij?’
Vraag eerder:
Wat geloof ik
over mezelf?
↓
Waar heb ik dat
geleerd?
↓
Welke ervaringen
ondersteunen het?
↓
Welke ervaringen
spreken het tegen?
↓
Wat zou een
nauwkeuriger beeld zijn?Bijvoorbeeld: ‘Ik ben zwak’ kan na onderzoek veranderen in ‘Ik vind conflicten moeilijk, maar ik heb in mijn leven ook moeilijke situaties doorstaan.’
Of ‘Ik kan geen keuzes maken’ kan worden: ‘Ik ben gewend veel bevestiging te zoeken en wil leren mijn eigen keuzes meer te vertrouwen.’
Dat is geen kunstmatig positief denken. Het is proberen je zelfbeeld completer te maken.
Vragen om over na te denken
Welke woorden gebruik ik het vaakst om mezelf te beschrijven?
Van wie heb ik die woorden of ideeën oorspronkelijk geleerd?
Welke eigenschappen van mezelf zie ik gemakkelijk en welke vergeet ik steeds?
Wanneer voel ik me waardevol en waarvan laat ik mijn eigenwaarde afhangen?
Welke overtuiging over mezelf behandel ik als een feit zonder haar ooit echt te hebben onderzocht?
Hoe zou ik mezelf beoordelen als ik dezelfde maatstaf gebruikte als bij iemand van wie ik houd?
Welk beeld van mezelf wil ik opnieuw onderzoeken?
Samenvatting
Je zelfbeeld is het geheel van overtuigingen dat je over jezelf hebt. Het wordt mede gevormd door ontwikkeling, ervaringen, relaties, cultuur en groepen waartoe je behoort.
Wat anderen
over mij zeggen
+
wat ik meemaak
+
hoe ik dat
interpreteer
↓
wat ik over
mezelf ga gelovenEen zelfbeeld kan jarenlang vertrouwd voelen zonder volledig of onveranderlijk te zijn.
Een gezond zelfbeeld betekent niet:
‘Ik ben geweldig
in alles’maar eerder:
Ik heb sterke
én zwakke kanten
Ik mag fouten maken
Ik kan leren
en veranderen
Mijn waarde als mens
hangt niet van één
prestatie of oordeel afZelfbeeld is daarom niet alleen het verhaal dat je ooit over jezelf hebt geleerd. Het is ook een verhaal dat je kunt blijven onderzoeken, aanvullen en bijstellen.
Bronnen en verdieping
Herbert W. Marsh & Richard Shavelson – Self-Concept: Its Multifaceted, Hierarchical Structure, 1985. Klassiek onderzoek naar zelfbeeld als een construct dat uit verschillende gebieden en zelfbeoordelingen bestaat.
Susan Harter – The Construction of the Self: Developmental and Sociocultural Foundations, 2012. Uitgebreid werk over de ontwikkeling van zelfbeeld en eigenwaarde vanaf de jeugd en de invloed van individuele en sociaal-culturele factoren. Guilford Press
Morris Rosenberg – Society and the Adolescent Self-Image, 1965. Klassiek onderzoek naar eigenwaarde, zelfbeeld en de sociale context waarin deze zich ontwikkelen.
Ulrich Orth & Richard W. Robins – The Development of Self-Esteem, 2014. Over de ontwikkeling en relatieve stabiliteit én veranderbaarheid van eigenwaarde gedurende de levensloop.
Julia F. Sowislo & Ulrich Orth – Does Low Self-Esteem Predict Depression and Anxiety? A Meta-Analysis of Longitudinal Studies, 2013. Meta-analyse naar relaties tussen lage eigenwaarde, depressie en angst.
Jehovah’s Getuigen – Dwingen Jehovah’s Getuigen hun kinderen om hun geloof aan te hangen? Officiële uitleg waarin de organisatie beschrijft hoe ouders kinderen Bijbelse waarden meegeven en dat kinderen later zelf moeten beslissen of zij het geloof willen aannemen.
Lees ook
Zelfcompassie – Hoe kun je vriendelijker met jezelf omgaan zonder verantwoordelijkheid te vermijden?
Zelfverwijt – Wanneer trek je meer verantwoordelijkheid naar jezelf toe dan werkelijk van jou is?
Internalisering – Hoe worden boodschappen van buitenaf onderdeel van je innerlijke stem?
Codependentie – Waarom kan de mening van anderen zoveel invloed krijgen op hoe je jezelf ziet?
Autonoom denken – Hoe leer je meer vertrouwen op je eigen oordeel?
Aangeleerde schuld – Waarom kan schuld blijven voelen als bewijs dat er iets mis met je is?