Herkenbare vragen

- Waarom reageert mijn lichaam soms al voordat ik bewust heb nagedacht?

- Hoe leren kinderen wat veilig, gevaarlijk, goed of verkeerd is?

- Waarom kunnen overtuigingen die we jong leren zo vanzelfsprekend voelen?

- Hoe beïnvloeden ouders, vrienden, groepen en autoriteit de manier waarop we denken?

- Waarom blijven sommige gedachten of reacties bestaan wanneer onze omstandigheden veranderen?

- Hoe ontstaan angst, schuldgevoel, groepsdruk, loyaliteit en behoefte aan goedkeuring?

- Kun je leren onderscheiden wat je hebt aangeleerd en wat je zelf denkt of wilt?

- Waarom kunnen intelligente en zelfstandige mensen toch sterk door hun omgeving worden beïnvloed?

Welkom in de A-Z encyclopedie – psychologie

Ontdek hoe ons brein leert, zich aanpast en wordt beïnvloed door opvoeding, ervaringen, groepen en de omgeving waarin we leven.

Wat vind je in deze encyclopedie?

Psychologie probeert te begrijpen hoe mensen denken, voelen, leren, kiezen en reageren.

Waarom volgen mensen soms een groep? Hoe ontstaat angst? Waarom zoeken we sneller informatie die bevestigt wat we al geloven? Hoe ontwikkelen kinderen een geweten? Wat doet autoriteit met ons? Hoe ontstaat identiteit? En waarom kunnen aangeleerde reacties nog lang blijven bestaan?

Over dit soort vragen wordt al tientallen jaren wetenschappelijk onderzoek gedaan.

In deze A-Z encyclopedie worden inzichten uit onder andere leerpsychologie, sociale psychologie, ontwikkelingspsychologie en cognitieve psychologie in gewone taal uitgelegd.

Wat doet een omgeving met een kind?

Een kind wordt niet geboren met een compleet wereldbeeld.

Het leert geleidelijk wat dingen betekenen. Via ouders, familie, school, vrienden, cultuur en andere belangrijke groepen leert het bijvoorbeeld wat gewenst is, welke regels gelden, wie betrouwbaar is, wat gevaarlijk kan zijn en welk gedrag waardering of afkeuring oproept.

Dat gebeurt bij alle kinderen.

In een sterk gestructureerde omgeving zijn zulke grenzen vaak extra duidelijk. Een kind krijgt veel informatie over wat goed en verkeerd, veilig en gevaarlijk of gewenst en ongewenst is.

Het brein probeert daarin patronen te herkennen.

ervaring
   ↓
herhaling
   ↓
betekenis
   ↓
verwachting
   ↓
automatische reactie

Veel van wat later vanzelfsprekend voelt, is op deze manier ooit geleerd.

Dat betekent niet automatisch dat het geleerde waar, onwaar, goed of slecht is.

Het betekent dat de manier waarop iets wordt aangeleerd invloed kan hebben op hoe vanzelfsprekend, belangrijk of bedreigend het later voelt.

Ons brein leert voortdurend

Het menselijk brein is voortdurend bezig verbanden te leggen.

Wanneer een situatie vaak samengaat met veiligheid, waardering, angst, afwijzing of beloning, kunnen daar verwachtingen en automatische reacties uit ontstaan.

Dat kan heel nuttig zijn.

Maar hetzelfde leervermogen speelt ook een rol bij ingewikkeldere onderwerpen zoals regels, gezag, identiteit, schuldgevoel, sociale goedkeuring en groepsnormen.

Daardoor kan iemand soms rationeel iets weten, terwijl zijn gevoel of lichaam nog anders reageert.

IK WEET:

“Er gebeurt nu niets.”

maar mijn gevoel zegt:

“Pas op.”

In deze encyclopedie kom je regelmatig tegen hoe zulke automatische reacties ontstaan en waarom ze soms blijven bestaan.

Mensen worden allemaal beïnvloed

Beïnvloeding betekent niet dat iemand zwak, dom of naïef is.

Ook intelligente en zelfstandige mensen zijn gevoelig voor groepsnormen, autoriteit, herhaling, framing, confirmation bias en sociale invloed.

Dat geldt binnen gezinnen, bedrijven, politieke bewegingen, vriendengroepen, sportclubs, sociale media én religieuze gemeenschappen.

Daarom gaat psychologie niet alleen over:

‘Waarom doen andere mensen dit?’

maar ook over:

‘Hoe werkt dit bij mij?’

Waarom voorbeelden uit de leefwereld van Jehovah’s Getuigen?

De psychologische mechanismen in deze encyclopedie zijn niet uniek voor Jehovah’s Getuigen.

Ze zijn algemeen menselijk.

Omdat deze website wordt gelezen door huidige en voormalige Jehovah’s Getuigen en mensen die met deze leefwereld te maken hebben, worden soms herkenbare voorbeelden gebruikt uit de gemeente, opvoeding, velddienst, vergaderingen, congressen, doop of omgang met anderen.

Zo’n voorbeeld betekent niet automatisch:

‘Dit bewijst dat Jehovah’s Getuigen ongelijk hebben.’

Psychologie kan meestal niet bepalen of een religieuze overtuiging waar is.

Ze kan wel helpen begrijpen hoe mensen leren, hoe groepen invloed uitoefenen, hoe overtuigingen worden gevormd en waarom bepaalde reacties sterk kunnen worden.

De conclusie blijft bij de lezer.

Wat heb ik geleerd en wat denk ik zelf?

Een overtuiging kan door ouders, cultuur of een geloofsgemeenschap zijn aangeleerd en later toch volledig door iemand zelf worden onderschreven.

Andersom kan iemand ontdekken dat bepaalde overtuigingen vooral sterk voelden door gewoonte, angst, sociale verwachtingen of eerdere ervaringen.

Daarom komt in veel artikelen dezelfde onderliggende vraag terug:

WAT HEB IK GELEERD?

        ↓

HOE HEB IK HET GELEERD?

        ↓

WAT DENK IK ER NU ZELF VAN?

Het doel is niet om oude overtuigingen automatisch door nieuwe te vervangen.

Het doel is beter begrijpen hoe overtuigingen, reacties en gedrag tot stand komen.

Waarom een A-Z encyclopedie?

Psychologie is een groot vakgebied en veel onderwerpen hangen met elkaar samen.

Daarom is deze kennisbibliotheek opgebouwd als een A-Z encyclopedie.

Je kunt beginnen bij het onderwerp dat je aanspreekt, bijvoorbeeld aangeleerd optimisme, angstconditionering, autonoom denken, confirmation bias, cognitieve dissonantie, framing, geheugen, groepsdruk, groepsidentiteit, hechting, indoctrinatie, zelfcensuur of zwart-witdenken.

Vanuit ieder artikel kun je weer verder naar begrippen die ermee samenhangen.

Begrijpen is niet hetzelfde als beoordelen

Wanneer je begrijpt waarom iemand iets doet, heb je daarmee nog niet bepaald of dat gedrag goed of verkeerd is.

En wanneer je ontdekt dat een overtuiging door sociale invloed is gevormd, heb je daarmee nog niet bewezen dat die overtuiging onwaar is.

Psychologie helpt vooral verschillende vragen uit elkaar te houden:

WAT GEBEURT ER?

WAAROM REAGEERT IEMAND ZO?

WELKE INVLOEDEN SPELEN MEE?

WAT ZIJN DE FEITEN?

WELKE BETEKENIS GEEF IK ERAAN?

WAT DENK IK ZELF?

Tot slot

Deze A-Z encyclopedie gaat uiteindelijk over iets heel menselijks:

Hoe wordt een mens wie hij is?

Wat doet opvoeding? Wat doet herhaling? Wat doet angst? Wat doet liefde? Wat doet een groep? Wat doet autoriteit? Hoe ontstaat een geweten? Hoe ontwikkelen we identiteit? En waarom blijven sommige reacties jarenlang bestaan?

De bedoeling is niet om vooraf te bepalen welk geloof of welke levensvisie juist is.

De bedoeling is om de psychologische processen daaronder zichtbaar en begrijpelijk te maken.

Want hoe beter je begrijpt hoe het menselijk brein leert en reageert, hoe beter je ook kunt onderzoeken:

Wat heb ik meegekregen? Wat heb ik zelf onderzocht? En wat onderschrijf ik uiteindelijk zelf?

Welkom in de A-Z encyclopedie psychologie.

Bronnen en verdieping

American Psychological Association – algemene psychologische kennis en onderzoek. Over leren, gedrag, cognitie, sociale invloed, ontwikkeling en mentale processen.
Daniel Kahneman – Thinking, Fast and Slow, 2011. Over automatische denkprocessen, cognitieve vertekeningen en besluitvorming.
Albert Bandura – Social Learning Theory, 1977. Over leren door observatie, sociale omgeving en voorbeeldgedrag.
Edward L. Deci & Richard M. Ryan – Self-Determination Theory. Over autonomie, motivatie, internalisering en sociale invloed.
Elliot Aronson, Timothy D. Wilson & Robin M. Akert – Social Psychology. Over groepsgedrag, conformiteit, overtuigingen en sociale beïnvloeding.
Laurence Steinberg – onderzoek naar adolescentenontwikkeling. Over identiteitsontwikkeling, sociale gevoeligheid en besluitvorming tijdens de jeugd.