Kennisbibliotheek › 🧠 A-Z Encyclopedie van de Psychologie
L - Leren door herhaling
Waarom overtuigingen steeds vertrouwder kunnen gaan voelen
L - LEREN DOOR HERHALING Waarom overtuigingen steeds vertrouwder kunnen gaan voelen HERKENBARE VRAGEN Heb je weleens gedacht: Waarom voelt bepaalde informatie meteen vertrouwd? Waarom komen sommige antwoorden automatisch in mijn hoofd op? Waarom voelt iets na jaren oefenen vanzelfsprekend? Waarom kan het zo moeilijk zijn om anders te denken dan je altijd hebt geleerd? Waarom blijft bepaalde kennis of een bepaalde manier van reageren zo lang aanwezig? En waarom voelt het soms alsof je automatisch reageert, nog voordat je er bewust over hebt nagedacht? Dit heeft te maken met een van de belangrijkste eigenschappen van ons brein: leren door herhaling. WAT IS LEREN DOOR HERHALING? Vanaf onze geboorte leert ons brein voortdurend. Niet alleen door lezen. Maar vooral door: kijken; luisteren; nadoen; oefenen; feedback krijgen; en... herhalen. Elke nieuwe vaardigheid begint onwennig. Na voldoende oefening wordt dezelfde handeling steeds gemakkelijker. Dat zie je overal. Een kind leert lopen. Een leerling leert rekenen. Een automobilist leert schakelen. Een chirurg leert opereren. Een muzikant leert viool spelen. Een surfer leert zijn evenwicht bewaren. Een politieagent leert omgaan met noodsituaties. Een piloot leert vliegen. In het begin kost iedere stap veel aandacht. Na veel oefenen verloopt hetzelfde gedrag grotendeels automatisch. Dat is geen bijzonderheid. Dat is precies hoe het menselijk brein leert. WAAROM DOET ONS BREIN DIT? Ons brein probeert energie te besparen. Wanneer je iets vaak oefent, hoeft je brein daar steeds minder bewust over na te denken. Psychologen noemen dit automatisering . Neuropsychologisch zien we dat herhaalde oefening leidt tot veranderingen in de hersenen. Verbindingen tussen zenuwcellen worden efficiënter gebruikt en vaardigheden kunnen steeds vloeiender worden uitgevoerd. Dit vermogen van de hersenen om zich aan te passen wordt neuroplasticiteit genoemd. Daardoor hoef je bijvoorbeeld niet meer bewust na te denken over: hoe je fietst; hoe je typt; hoe je autorijdt; hoe je een taal spreekt. Hetzelfde geldt voor manieren van denken. Ook die kunnen steeds vertrouwder worden wanneer ze jarenlang worden herhaald. VOORBEELDEN UIT HET DAGELIJKS LEVEN Een leerling leert de tafels van vermenigvuldiging. Een verpleegkundige leert medische handelingen. Een brandweerman oefent noodsituaties. Een verkoper leert gesprekken voeren. Een acteur leert zijn tekst. Een kind leert "dank je wel" zeggen. Niemand vindt dat vreemd. Sterker nog: we verwachten juist dat mensen oefenen. Want oefenen werkt. HOE LEERT ONS BREIN OVERTUIGINGEN? Leren gaat niet alleen over praktische vaardigheden. Ook ideeën, normen en overtuigingen worden geleerd. Dat gebeurt onder andere door: herhaling; voorbeelden van anderen; gesprekken; boeken; onderwijs; ervaringen; feedback; sociale bevestiging. Wanneer een bepaalde boodschap vaak terugkomt, voelt die na verloop van tijd steeds vertrouwder. Dat betekent niet automatisch dat de boodschap waar of onwaar is. Het laat vooral zien dat vertrouwdheid en waarheid niet hetzelfde zijn. Onderzoek naar leren en geheugen laat zien dat herhaalde blootstelling en actief ophalen van informatie het geheugen versterken. Herhaling maakt informatie gemakkelijker toegankelijk, maar zegt op zichzelf niets over de juistheid van die informatie. HOE KAN DIT HERKENBAAR ZIJN BINNEN EEN RELIGIEUZE OMGEVING? Vrijwel iedere religie besteedt aandacht aan onderwijs. Dat geldt ook voor politieke partijen, bedrijven, universiteiten en sportverenigingen. Binnen Jehovah's Getuigen bestaat een uitgebreid onderwijsprogramma. Veel leden bezoeken regelmatig bijeenkomsten, bestuderen publicaties, luisteren naar lezingen en oefenen gesprekken voor de prediking of andere onderdelen van hun geloofsbeleving. Dat onderwijs is bedoeld om kennis, vaardigheden en geloofsovertuigingen te versterken. Vanuit psychologisch perspectief is dat niet vreemd. Wanneer mensen regelmatig leren, oefenen en feedback krijgen, wordt de geleerde informatie doorgaans beter onthouden. Hetzelfde mechanisme zie je bij: rijlessen; EHBO-cursussen; muziekonderwijs; militaire opleidingen; universiteiten; sporttrainingen. Het menselijk brein maakt daarin geen onderscheid. Het leert volgens dezelfde algemene leerprincipes. WAAROM VOELT IETS DAN ZO "NORMAAL"? Wanneer je jarenlang op een bepaalde manier hebt leren denken, kan die manier van denken vanzelfsprekend gaan voelen. Niet omdat je daar iedere dag bewust voor kiest. Maar omdat je brein die manier van denken duizenden keren heeft geoefend. Vergelijk het met autorijden. De eerste rijles kost enorm veel aandacht. Na twintig jaar rijden denk je nauwelijks meer na over schakelen. Zo kunnen ook bepaalde overtuigingen, woorden of reacties automatisch worden. Dat zegt niets over de inhoud van die overtuigingen. Het zegt iets over de kracht van herhaling. WAT GEBEURT ER WANNEER JE NIEUWE INFORMATIE TEGENKOMT? Ons brein vergelijkt nieuwe informatie voortdurend met wat het al kent. Wanneer iets past binnen het bestaande denkpatroon, voelt het vaak logisch. Wanneer iets daar niet bij past, kan dat vreemd of zelfs ongemakkelijk aanvoelen. Dat is een normaal leerproces. Het betekent niet automatisch dat de nieuwe informatie onjuist is. En ook niet dat de oude informatie onjuist is. Het laat vooral zien dat leren tijd kost. Nieuwe inzichten moeten letterlijk een plek krijgen tussen bestaande kennis. KUN JE OOK OPNIEUW LEREN? Ja. Dat gebeurt iedere dag. Mensen leren nieuwe talen. Nieuwe beroepen. Nieuwe gewoonten. Nieuwe manieren van communiceren. Nieuwe overtuigingen. Dat vraagt meestal tijd. Niet omdat iemand dom is. Maar omdat oude patronen jarenlang zijn geoefend. Nieuwe patronen hebben eveneens oefening nodig. WAT KUN JE ERMEE? Wanneer je merkt dat een bepaalde gedachte automatisch opkomt, hoef je jezelf niet meteen af te vragen: "Waarom denk ik dit?" Je kunt eerst vragen: "Waar heb ik dit geleerd?" "Hoe vaak heb ik dit gehoord?" "Heb ik dit ooit zelf onderzocht?" "Past deze overtuiging nog bij wat ik vandaag weet?" Dat zijn geen vragen om je verleden af te wijzen. Maar om bewust te onderzoeken welke overtuigingen je wilt behouden en welke je misschien opnieuw wilt bekijken. VRAGEN OM OVER NA TE DENKEN Welke overtuigingen heb ik duizenden keren gehoord? Welke overtuigingen heb ik zelf onderzocht? Welke antwoorden komen automatisch in mij op? Welke ideeën voelen vooral vertrouwd? Welke overtuigingen heb ik ook buiten mijn eigen omgeving onderzocht? Kan iets vertrouwd voelen zonder automatisch waar te zijn? Sta ik mezelf toe om nieuwe informatie rustig te onderzoeken? Welke nieuwe manier van denken zou ik graag willen oefenen? SAMENVATTING Het menselijk brein leert door herhaling, oefening, observatie en feedback . Dat geldt voor autorijden, muziek maken, een beroep leren, sport, onderwijs én religieuze vorming. Hoe vaker een vaardigheid of overtuiging wordt geoefend, hoe vertrouwder deze meestal gaat aanvoelen. Dat betekent niet dat de overtuiging daardoor automatisch waar of onwaar wordt. Wel verklaart het waarom sommige gedachten of reacties zo vanzelfsprekend kunnen voelen. Wie nieuwe inzichten wil ontwikkelen, hoeft zijn oude kennis niet af te wijzen. Maar zal zijn brein de tijd moeten geven om ook nieuwe informatie te leren kennen, te onderzoeken en te oefenen. Wetenschappelijke bronnen Albert Bandura – Social Learning Theory (1977) Bandura liet zien dat mensen niet alleen leren door eigen ervaring, maar ook door observatie, imitatie en feedback. Zijn theorie vormt een van de fundamenten van de moderne leerpsychologie. Hebb-repetitieleren en geheugen Recent onderzoek bouwt voort op het werk van Donald Hebb en laat zien hoe herhaalde blootstelling en actief ophalen van informatie bijdragen aan duurzame geheugenvorming. Retrieval Practice (het actief ophalen van informatie) Onderzoek toont aan dat informatie beter blijft hangen wanneer mensen die regelmatig actief ophalen en toepassen, in plaats van alleen opnieuw lezen. Neuroplasticiteit en oefening Herhaalde oefening leidt tot meetbare veranderingen in hersennetwerken. Daardoor worden vaardigheden en denkpatronen efficiënter uitgevoerd.